Veelgestelde vragen

Hier vindt u een overzicht van alle veelgestelde vragen op deze website, zowel van de overkoepelende vereniging NUV als van de diverse groepen. 

De vragen gaan over alle onderwerpen waarmee het NUV zich bezighoudt. Heeft u een vraag over een bepaald dossier of over een specifiek onderwerp, dan kunt u die vraag beter zoeken in het desbetreffende dossier.

Filter op onderwerp

Meest gelezen

toegang Wat is een producent?

Antwoord:

De ondernemer die in de uitoefening van zijn bedrijf of beroep:

  1. producten in een verpakking aan een ander ter beschikking stelt; of
  2. verpakkingen aan een ander ter beschikking stelt die zijn ontworpen en bedoeld om op het verkooppunt te worden gevuld (dit zijn de “last minute-verpakkingen”). Zie tevens de vraag 'Wat zijn de meest voorkomende verpakkingen?'.
toegang Welke regels gelden er bij verzenden van e-mails met een commerciële, charitatieve of ideële boodschap?

Antwoord:

Op 1 januari 2012 zijn de regels voor het verzenden van e-mails met reclame aangescherpt door de invoering van een nieuwe code Reclame via e-mail. Deze code, die onderdeel uitmaakt van de Nederlandse Reclame Code, vervangt de bestaande codes voor commerciële e-mail aan bedrijven én consumenten.

 

Dutch Dialogue Marketing Association heeft een heldere toelichting op de nieuwe code gepubliceerd. Het NUV adviseert de leden de code en toelichting goed door te nemen en procedures waar nodig tijdig aan te passen aan de nieuwe regels. Boetes van OPTA voor spam kunnen oplopen tot 450.000 euro per overtreding.

 

Hier volgt een samenvatting van de belangrijkste regels. Let op: de regels gelden voor zowel B-to-C- als B-to-B-reclame; tussen deze doelgroepen bestaat geen onderscheid meer.

 

  • Reclame moet als reclame herkenbaar zijn door opmaak, presentatie, inhoud of anderszins.
  • Er geldt geen onderscheid tussen consumenten en zakelijke ontvangers.
  • De code is van toepassing op het toezenden van ongevraagde reclame via e-mail (inclusief charitatieve en ideële boodschappen).
  • Geen reclame is een uitnodiging uitsluitend voor deelname aan onderzoek voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden.
  • Reclame via e-mail mag alleen met werkelijke toestemming van de ontvanger.
  • Toestemming moet door middel van een actieve handeling worden gegeven, dus mag niet door middel van een bepaling in de algemene voorwaarden of een privacystatement worden verkregen; op de plaats waar toestemming wordt gevraagd, moet duidelijk staan waarvoor het mailadres gebruikt zal worden.
  • Bij het verzamelen van e-mailadressen moet de aanstaande ontvanger er duidelijk over worden geïnformeerd:
    • dat het e-mailadres voor reclame zal worden gebruikt;
    • wie bestandseigenaar is;
    • door wie het bestand gebruikt zal worden: alleen de bestandseigenaar of ook derden.
  • Een uitzondering op de eis van uitdrukkelijke toestemming geldt wanneer het e-mailadres is verkregen in het kader van een verkoop aan of schenking door de geadresseerde en wordt gebruikt voor het aanbieden van eigen gelijksoortige producten of diensten. Een afmelding moet worden gerespecteerd, ook al is de ontvanger klant van de afzender.
  • De inhoud van de reclame via e-mail moet altijd voldoen aan de algemene regels van de Nederlandse Reclame Code.
  • Bij reclame via e-mail in de vorm van ‘tell a friend’ moet de adverteerder de naam van de natuurlijke persoon die het initiatief neemt voor de e-mail, ‘de vriend’, opnemen in het ‘van’-veld.
  • Bij ‘tell a friend’ moet het e-mailadres van de natuurlijke persoon, ‘de vriend’ op wiens initiatief de e-mail is verstuurd in het ‘reply to’-veld staan.
  • In het ‘van’ veld moet het label (dwz merk of bedrijfsnaam) staan van de bestandseigenaar.
  • In het ‘reply to'-veld moet een werkend antwoordadres staan, ‘no reply’-adressen mogen dus niet meer, de ontvanger moet kunnen reageren.
  • De bestandseigenaar moet makkelijk te bereiken zijn voor de ontvanger door vermelden van naam, adres en contactgegevens in de e-mail of door een werkende link daarnaartoe.
  • Gezamenlijke meegezonden bijlagen mogen maximaal 150 Kb zijn.
  • Als een url wordt vermeld naar een rechtstreeks te downloaden bestand moet daarbij staan hoe groot en van welk type dat bestand is.
  • Elke reclame per e-mail moet een afmeldmogelijkheid bevatten die voor de gebruiker kosteloos, eenvoudig en duidelijk is.
  • Afmelden moet mogelijk zijn per label, product of dienst waarvoor het e-mailadres is verzameld; een afmelding mag ook betrekking hebben op meer of alle labels, producten of diensten.
  • Bij een afmelding moet dat verzoek onverwijld worden ingewilligd.
  • Met klachten kunnen ontvangers van reclame per e-mail terecht bij de Reclame Code Commissie.
  • OPTA kan boetes tot 450.000 euro per overtreding opleggen bij niet naleven van deze reclamecode.

 

Code E-mail per 2012

Toelichting op de Code E-mail

toegang Worden abonnementen die voor 1 december 2011 conform de wet stilzwijgend zijn verlengd gerespecteerd of worden zij per direct opzegbaar?

Antwoord:

Abonnementen die voor 1 december 2011 al stilzwijgend zijn verlengd zijn op 1 december 2011 niet opeens ongeldig of opzegbaar geworden, zelfs niet wanneer de reparatiewet, die nog in de Eerste Kamer ligt, zou worden ingevoerd.

 

Dat zit zo: Martijn van Dam heeft die reparatiewet (32884) ingediend om art. 191 buiten toepassing te verklaren. Art. 191 geeft aan dat de wijzigingen in Afdeling 3 van titel 5 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek pas een jaar na het in werking treden van deze wijzigingen van toepassing zullen zijn op algemene voorwaarden die, op het tijdstip van het in werking treden van de wijziging, reeds door een partij in haar overeenkomsten worden gebruikt. Met andere woorden: de wet noodzaakt pas tot wijziging van reeds toegepaste algemene voorwaarden per 1 december 2012. De meeste aanbieders van abonnementen hebben echter al rekening gehouden met inwerkingtreding van de wet op hun algemene voorwaarden per 1 december 2011. Zij hebben hun voorwaarden daarom nu al aangepast aan de nieuwe wet en voor nieuwe abonnementen zijn er dan ook weinig problemen te verwachten met algemene voorwaarden die ongeldig zouden worden als de reparatiewet wordt aangenomen.

 

Gelukkig laat het reparatiewetsvoorstel art. 79 van de overgangswet NBW ongemoeid. Daarin staat dat rechtshandelingen die al zijn verricht voor de inwerkingtreding van nieuwe wetgeving onaantastbaar zijn. Een voorbeeld van zo'n rechtshandeling is de stilzwijgende verlenging van een abonnement. Stilzwijgende verlengingen van abonnementen die voor 1 december as hebben plaatsgevonden blijven dus hoe dan ook geldig, ze mogen 'uitfaseren' en abonnees zijn dus gehouden deze abonnementen uit te dienen, zelfs wanneer de reparatiewet zou worden ingevoerd.

 

De Eerste Kamer heeft op 29 november het reparatiewetsvoorstel op verzoek van Martijn van Dam zelf niet behandeld. Of en zo ja wanneer dit alsnog gaat gebeuren is niet bekend. Zolang de reparatiewet niet is aangenomen door de Eerste Kamer en is gepubliceerd in het Staatsblad heeft deze nog geen werking en gelden dus de algemene regels van overgangsrecht. Lopende abonnementen die al zijn verlengd voor eventuele inwerkintreding van de reparatiewet moeten hoe dan ook worden uitgediend, of de reparatiewet nu wordt aangenomen of niet. De reparatiewet is feitelijk alleen relevant voor algemene voorwaarden die op 1 december 2011 al in gebruik waren. Die kunnen vernietigbaar worden als de reparatiewet van kracht wordt.

 

toegang Leidt gebruik van cookies tot prijsdiscriminatie?

Antwoord:

In discussies over de wenselijkheid of onwenselijkheid van het gebruik van cookies wordt regelmatig aangevoerd dat cookies leiden tot prijsdiscriminatie. Webbezoekers die eerder op een site met vliegtickets zijn geweest zouden bij hun volgende bezoek een hogere prijs voorgeschoteld krijgen dan bezoekers die daar voor het eerst komen. Ook zouden webbezoekers die op een website hebben gekeken naar bijvoorbeeld een duurdere klasse auto een andere prijs voorgsechoteld krijgen dan de bezoekers met een meer bescheiden smaak. Onderzoek door de universiteit Enschede wijst echter uit dat hier niets van waar is en dat cookies niet worden gebruikt om de prijzen van vliegtickets op aan te passen.

 

Het kritische consumentenprogramma Tros Radar heeft uitgebreid aandacht besteed aan deze kwestie. In de uitzending werd bovendien toegelicht hoe de prijzen dan wél tot stand komen en waarom ze per persoon kunnen variëren (va 7.15 minuut). Over deze uitzending is een blog geschreven met de titel the airline cookie conspiracy. http://digitalstrategies.blogspot.com/2011/05/airline-cookie-conspirancy-myth-busted.html

 

geen toegang Is het nodig om de identiteit van een zzp'er of freelancer opnieuw vast te stellen wanneer zijn paspoort verloopt?

U heeft geen toegang tot dit antwoord

Dit antwoord is afgeschermd en alleen zichtbaar voor specifieke leden. U kunt inloggen om te kijken of deze content voor u beschikbaar is.

Inloggen
toegang Wat doen 'payroll'-bureaus voor freelancers precies? En is dat niet in strijd met de wet?

Antwoord:

Aan payrolling is niets illegaals, maar of het voor de gemiddelde uitgeverij erg zinvol is er gebruik van te maken is nog maar de vraag.

Als een ‘freelancer’ door zo’n bureau wordt verloond zijn de inhoudingen al geregeld en dan is een VAR overbodig. De VAR is tenslotte bedoeld om te bewijzen waarom de opdrachtgever juist géén inhoudingen heeft gedaan. Het is ook een constructie die voor serieuze ondernemers (die ook zonder moeite een VAR-WUO zouden krijgen) helemaal niet aantrekkelijk is, want dit soort werknemerachtige zaken staan in de weg aan fiscale ondernemersfaciliteiten, zoals aftrekposten.

 

Eigenlijk is payrolling bijna hetzelfde als  inzetten van uitzendkrachten: je koopt het risico van werknemerschap af door inzet van een tussenpersoon. Payrolling kan een behoorlijk kostbare oplossing zijn, zeker wanneer het duidelijk is dat de opdrachtgever echt niet in gezag staat ten opzichte van een freelancer, wanneer de freelancer hoofdzakelijke royaltyinkomsten geniet, als hij zelfstandig ondernemer is met een VAR-WUO of DGA of wanneer hij een ander hoofdberoep heeft.  In de uitgeefsector is er bij creatieve beroepen meestal goed aannemelijk te maken dat die gezagsrelatie ontbreekt. Het overgrote deel van de auteurs en redactiemedewerkers (99% van het totaal) valt onder één van die andere uitzonderingen. Het risico is voor die freelancers dan ook zo beperkt dat het jammer zou zijn om veel geld te besteden aan het afkopen ervan via een payrollingbureau.


Wel kan het voor uitgevers prettig zijn de administratie en controle rondom de inzet van freelancers uit te besteden aan een payrollbureau met verstand van zaken. Bij veel boekhouders ontbreekt die gespecialiseerde kennis. Het NUV heeft in dit kader een contract gesloten met P/Flex, onderdeel van Randstad. Met de samenwerkingsovereenkomst biedt het NUV u de mogelijkheid om tegen gunstige voorwaarden gebruik te maken van de diensten van P/flex. Zie ook de informatie op de NUV site hierover.

geen toegang Mag ik een opzeggende abonnee voorstellen een langere opzegtermijn aan te houden of zijn abonnement te verlengen?

U heeft geen toegang tot dit antwoord

Dit antwoord is afgeschermd en alleen zichtbaar voor specifieke leden. U kunt inloggen om te kijken of deze content voor u beschikbaar is.

Inloggen
toegang Waar vind ik informatie over leenrechtvergoedingen voor uitgevers en auteurs/illustratoren?

Antwoord:

Stichting Leenrecht
Wanneer een bibliotheek een boek of cd of videofilm uitleent, hebben de rechthebbenden op dat werk recht op een vergoeding. Vroeger zorgde de overheid daarvoor, vanaf 1996 doet de Stichting Leenrecht dat. Toen werd er in de Auteurswet en in de Wet op de Naburige Rechten voor het eerst een echt leenrecht opgenomen. Het gaat daarbij om tienduizenden rechthebbenden. 
toegang Kunnen alle abonnementen nu sneller worden beëindigd?

Antwoord:

Nee. De wetswijziging betreft met name de beëindiging van stilzwijgend voortgezette abonnementen. De initiatiefnemer van het wetsvoorstel wilde consumenten vooral beschermen tegen verplichtingen die zij onbewust aangaan. Abonnementen voor bepaalde tijd die bewust door de abonnee zijn aangegaan, bijvoorbeeld door het invullen van een antwoordkaart of webformulier, blijven hem ook na 1 december 2011 binden voor de duur van zijn abonnement. Een bewust afgesloten jaarabonnement kan dus ook onder de nieuwe wet niet tussentijds worden beëindigd. Uitzondering: abonnementen die bewust worden aangegaan voor een periode van langer dan een jaar mogen na het eerste jaar in principe tussentijds worden beëindigd door opzegging met inachtneming van een opzegtermijn van één maand. Dit is alleen anders wanneer de uitgever kan aantonen waarom het redelijk is de abonnee te houden aan de volledige abonnementstermijn of aan een langere opzegtermijn. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de abonnee een kostbaar cadeau of een aanzienlijke korting heeft ontvangen als beloning voor zijn langdurige loyaliteit.

toegang Nauwe samenwerking tussen auteur en hoofdpersoon boek: wie heeft het auteursrecht?

Antwoord:

Een auteur werkt nauw samen met de hoofdpersoon aan een boek over deze hoofdpersoon. Deze hoofdpersoon geeft de auteur notities en korte verhalen en spreekt teksten in, soms op basis van door de auteur gestelde vragen. De auteur heeft de vrijheid dat geheel te bewerken of soms letterlijk te citeren. De vraag is welke rechten de hoofdpersoon kan ontlenen als medeauteur. Wie beslist over de titel of over de wijze van exploitatie?

 

Als de hoofdpersoon van dit boek een eigen creatieve bijdrage aan het geheel levert die duidelijk zijn stempel draagt, dan heeft deze persoon in beginsel het auteursrecht op de eigen bijdragen. Notities, korte verhalen en ingesproken teksten zijn meer dan af en toe een citaat. Een eenvoudige toets of iets wel of niet een citaat is, is het citaat weglaten; als het betoog ook zonder het citaat overeind blijft, dan was het inderdaad een citaat. Als dat niet zo is, dan had het weggelaten onderdeel een zelfstandige functie en is het geen citaat. Uiteindelijk is dat een feitelijke beoordeling, maar afgaande op de omschreven werkwijze is het zeer aannemelijk dat de ‘citaten’ een wezenlijk onderdeel van het boek vormen.

 

Als dat inderdaad zo is, volgt daaruit dat deze persoon als medeauteur moet worden aangemerkt. Als er sprake is van een gezamenlijk auteursrecht, is voor publicatie (openbaarmaking en verveelvoudiging) toestemming nodig van alle makers. Dat betekent dat de auteur en de hoofdpersoon het samen eens moeten zien te worden over alle praktische zaken, zoals de titel, de wijze van uitgave enzovoort. Daarnaast is het verstandig om van tevoren ook onderling schriftelijke afspraken te maken over wat er met het boek gebeurt ingeval er later onenigheid tussen beide auteurs mocht ontstaan. Een en ander kan ook worden vastgelegd in de overeenkomst met de uitgever, die in dit geval ook het beste met beide auteurs kan worden aangegaan.

Staat uw vraag er niet bij?

Heeft u via de veelgestelde vragen niet het antwoord kunnen vinden dat u zocht? Neem dan contact op met één van de secretarissen. U vindt hun contactgegevens hier onder.

Michiel B. Kramer
Hoofd Economische en Juridische Zaken

Aandachtsgebieden: auteursrecht, digitalisering, bibliotheken, leesgehandicapten, FEP, PRO

Cecilia van Dalen
Secretaris Economische en Juridische Zaken

Aandachtsgebieden: economische zaken, btw, post/distributie, papier & milieu, MVO

Miranda Maasman
Secretaris Economische en Juridische Zaken

Aandachtsgebieden: sociaalrechtelijke status van freelancers, reclame en commerciële communicatie, privacy (spam, cookies) en consumentenzaken (abonnementen, consumentenrichtlijn)